De kracht van kwetsbaarheid, ook in het onderwijs?!

13 april 2015 – Myrthe Meurders
shutterstock_243616459-1
Ik ben bijna 40. Heb twee prachtige zoons en blij met m’n werk. Heb een eigen huis, een auto en ben in staat mijn eigen keuzes te maken. Dus ik ben volwassen. Toch? Nou, zo voel ik me niet altijd, stiekem. Ik ben soms nog best onzeker over of ik wel lief genoeg ben als partner, goed genoeg als moeder, geïnteresseerd genoeg als beste vriendin en ervaren genoeg als professional. En tja, dat zeg ik liever niet hard op natuurlijk…

Maar toch ik kom er steeds meer achter dat het me zowaar wat oplevert als ik het wel uitspreek en toegeef. Tot mijn verbazing word ik daar namelijk ook om gewaardeerd. Door collega’s, klanten, vrienden. In plaats van dat ik dacht dat ik daarop afgerekend zou worden, is het juist mijn kracht. De zoektocht naar balans, volwassenheid en acceptatie, maakt namelijk ook dat ik constant kijk naar waar er beweging en ruimte is voor vernieuwing en verbetering. In mezelf en in mijn omgeving. Daar zoek ik graag naar en daarin kan ik ook anderen inspireren. Ik blijf nieuwsgierig en wil me blijven verbazen.

En daarom dit blog.

Van mijn beste vriendin kreeg ik op mijn 37ste verjaardag het boek van Brené Brown ‘De kracht van kwetsbaarheid’. Brown is onderzoekshoogleraar maatschappelijk werk aan de Universiteit van Houston. De manier waarop zij in haar boeken haar wetenschappelijk onderzoek combineert met haar eigen worstelingen, spreekt enorm tot de verbeelding en inspireerde mij voor dit blog. Want ik zie ook een parallel tussen de uitdagingen die ik tegen kom in mijn persoonlijke ontwikkeling en bij de scholen waarmee ik werk.

 De zoektocht van scholen naar volwassenheid en acceptatie
Als ik voor mijn werk op een school kom, dan is dat meestal omdat zij de vraag hebben: hoe kan ik beter samenwerken met ouders? Ouderbetrokkenheid is een opkomend thema waar veel scholen inmiddels ook werkelijk mee aan de slag willen. En misschien klinkt ouderbetrokkenheid, het vormgeven van een samenwerking tussen school en ouders, als een organisatorische aangelegenheid. Dat is het allerminst. Het is precies die zoektocht naar volwassenheid en acceptatie die ik, en natuurlijk vele met mij, persoonlijk doormaak. Wat ik op scholen zie is dat onderwijsprofessionals, zowel directeuren als leraren, het heel moeilijk vinden om elkaar aan te spreken, feedback te geven of zich gelijkwaardig op te stellen. Ook ten opzichte van ouders. Ik verbaas me daar wel over en vraag me ook af hoe het komt. Ik doe een poging…

Afrekencultuur en eigenwaarde
We worden in het onderwijs afgerekend op prestaties, op resultaten. Ik schreef al eerder een blog over de CITO, het gewicht dat we daar aanhangen en hoe spastisch we ermee omgaan. Voor professionals in het onderwijs betekent deze afrekencultuur dat, niet alleen de leerling, maar ook zij worden beoordeeld op de resultaten die ze halen. Wanneer de leerlingen hoge cijfers halen, dan ben je een goede school. Het zijn trouwens niet in de laatste plaats de ouders die daarop letten. Dus de kans dat je als leraar wordt gewaardeerd voor wat je doet, hangt sterk af van de resultaten die je behaald. Simpel gezegd, volgens de theorie van Brown: als je leerlingen met hoge cijfers aflevert, val je in de smaak, ben je waardevol, zo niet, dan ben je waardeloos.

De kans dat je als leraar wordt gewaardeerd en geprezen voor bijvoorbeeld het hulp vragen aan collega’s of het aanspreken van ouders op het niet nakomen van afspraken, is minder groot. Jezelf laten zien en je open opstellen levert doorgaans niet zo veel op. Het voelt, in een cultuur die vooral waardering heeft voor resultaten, te bedreigend om tegen een collega te zeggen dat zijn aanpak misschien beter kan. Of om ouders aan te spreken op hun verantwoordelijkheid. Of om je leidinggevende te laten weten dat je moeite hebt met bepaalde vaardigheden. Daar schaam je je voor, dus je kijkt wel uit. Stel je voor dat ze denken dat je het niet kan, of juist dat je het beter weet. Je moet er gewoon voor zorgen dat je kinderen aflevert met goede scores, want dan doe je ertoe.

En die afhankelijkheid, tussen je waardevol voelen en resultaten leveren, werkt volgens Brown een cultuur van schaamte in de hand en staat persoonlijke ontwikkeling in de weg. Want wanneer ons gevoel van eigenwaarde niet afhangt van de resultaten die we leveren, zijn we, zo bewijst Brown met haar onderzoek, veel meer bereid om moed te tonen en het risico te nemen onze talenten en gaven open en bloot te laten zien. Brown onderzocht gezinnen, scholen en organisaties en kwam tot de conclusie dat ‘schaamtebestendige culturen mensen voortbrengen die veel beter in staat zijn feedback te vragen, te accepteren en te gebruiken. Dergelijke culturen brengen bovendien betrokken, volhardende mensen voort, die erop voorbereid zijn dat ze iets steeds opnieuw moeten proberen voordat het helemaal af is; mensen met een veel grotere bereidheid innovatief en creatief te zijn in hun inspanningen’.

Wake-up call
Dat voelde, voor mij persoonlijk, als een soort wake-up call. Als ik me persoonlijk wil ontwikkelen en wil groeien, moet ik dus stoppen met bang te zijn voor wat anderen van me vinden. En dus moet ik stoppen met me te wapenen tegen kwetsbaarheid, de schaamte voor wat anderen denken of voor of ik wel goed (genoeg) ben.
Ik ben dat gaan testen. Eerst vooral in privésituaties. Een voorbeeld:  Op een moment dat ik het gevoel heb dat iemand mij te kort doet, kan ik geïrriteerd of boos reageren. Die reactie is mijn harnas om me niet kwetsbaar te hoeven opstellen en heeft tot gevolg dat ik de connectie met die ander (op zo’n moment) volledig kwijt raak. Die begrijpt niet wat ik zeg of wil. En mijn werkelijke doel, gezien worden of erkenning krijgen, komt dan steeds verder weg te liggen.
Dus ik probeer nu, hoe onwennig dat soms ook is, steeds vaker gewoon te benoemen wat ik voel. En dat is een constante oefening, dat moet je steeds herhalen. Want we zijn veel meer gewend aan dat harnas dat ons beschermt tegen kwetsbaarheid. Dus dat is ons mechanisme en dat voelt veilig. Maar als het lukt, de ene keer wat beter dan de andere, krijg ik (nog steeds tot mijn verbazing) wel wat ik wil, haal ik wel mijn doel. En sta ik veel meer in contact met de ander, die begrijpt mij en voelt zich zelfs (onbewust) aangemoedigd zich ook open op te stellen.

De weg naar verbinding, vertrouwen en betrokkenheid
Waar het op neer komt volgens Brown is dat we, om grote moed te tonen en risico’s te durven nemen, een goed gevoel van eigenwaarde moeten hebben. Want het is de enige weg naar verbinding, vertrouwen en betrokkenheid. Ook tussen collega’s, leerlingen en ouders.

Laat het elkaar maar gewoon weten hoe je je voelt. Dat is ook in een professionele context, zeker in het onderwijs, heel belangrijk. Wanneer je je kwetsbaar opstelt breekt er altijd iets open. Dan kom je werkelijk in contact met elkaar. Je ontwikkelt jezelf, helpt anderen daar ook bij, gebruikt elkaars kwaliteiten en je wordt allemaal beter in wat je doet! Alleen zo kom je tot de kern van een probleem of een vraag om vervolgens samen, met ieders talenten, aan de oplossing of verbetering te werken.
En zo kunnen we uiteindelijk onze kinderen, de leerlingen, het beste voorbeeld en de beste begeleiding geven in de zoektocht naar zichzelf!